Wie kan bewindvoering aanvragen: cliënt, familie of instanties?
Wanneer iemand zijn of haar geldzaken niet meer goed kan regelen, kan bewindvoering een oplossing zijn. Maar een vraag die vaak wordt gesteld is: wie kan eigenlijk bewindvoering aanvragen? Moet de persoon dit zelf doen, of kunnen anderen dit ook regelen?
In de wet is vastgelegd wie een verzoek tot bewindvoering bij de rechtbank mag indienen. Dat kan de cliënt zelf zijn, maar ook familieleden of bepaalde instanties.
De cliënt zelf
In veel situaties vraagt iemand zelf bewindvoering aan. Dit gebeurt bijvoorbeeld wanneer iemand merkt dat het financieel niet meer lukt. Schulden lopen op, administratie wordt te ingewikkeld of persoonlijke omstandigheden maken het moeilijk om overzicht te houden.
Door zelf een aanvraag te doen, kan iemand op tijd hulp krijgen. De rechtbank beoordeelt vervolgens of bewindvoering de juiste oplossing is.
Familieleden
Ook familieleden mogen bewindvoering aanvragen. Dit gebeurt vaak wanneer iemand zelf niet inziet dat hulp nodig is of wanneer het niet lukt om de aanvraag zelf te doen.
Familieleden die een aanvraag mogen indienen zijn bijvoorbeeld een partner, ouder, kind, broer of zus. In sommige gevallen kunnen ook andere familieleden, zoals een grootouder of oom en tante, een verzoek doen bij de rechtbank.
Voor familie kan dit een lastige beslissing zijn. Toch gebeurt het vaak uit zorg en bescherming, bijvoorbeeld wanneer iemand risico loopt op schulden of financieel misbruik.
Instanties en organisaties
In bepaalde situaties kunnen ook instanties een aanvraag doen. Denk bijvoorbeeld aan een zorginstelling waar iemand woont of begeleiding krijgt.
Ook een gemeente kan bewindvoering aanvragen, bijvoorbeeld wanneer iemand ernstige schulden heeft en niet zelfstandig hulp zoekt. In uitzonderlijke gevallen kan zelfs de officier van justitie een verzoek indienen bij de rechtbank.
Deze aanvragen worden meestal gedaan wanneer duidelijk is dat iemand bescherming nodig heeft, maar zelf geen stappen onderneemt.